Schijnzelfstandigheid ontmaskerd: werkgever blijft achter met financiële kater

Een jonge beveiliger verrichtte vanaf oktober 2022 tot september 2023 werkzaamheden als servicemedewerker en beveiliger op basis van diverse overeenkomsten. Deze waren vormgegeven als zzp-contracten (overeenkomst van opdracht). Maar kwalificeren deze nu als arbeidsovereenkomst, of als overeenkomst van opdracht? De kater kwam later…

Op 20 maart 2025 heeft het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch (weer) een belangrijk arrest gewezen over schijnzelfstandigheid. Wat speelde er precies tussen de jonge beveiliger en zijn opdrachtgever in deze zaak? Op 18 oktober 2022 had de beveiliger een overeenkomst van opdracht gesloten met een opdrachtgever voor toezichthoudende werkzaamheden, gevolgd door een overeenkomst op 19 juli 2023 voor beveiligingswerk. Gedurende de gehele periode werkt hij uitsluitend voor deze opdrachtgever en had hij geen andere opdrachtgevers. De beveiliger factureerde zijn loon als zzp’er, maar had geen eigen bedrijfsmiddelen en was volledig afhankelijk van de instructies en roosters van zijn opdrachtgever.

Opzegging overeenkomst
Op 4 september 2023 werd de overeenkomst door de opdrachtgever opgezegd, omdat de beveiliger het object waar hij werkzaamheden moest verrichten had verlaten onder werktijd. De beveiliger stelt zich op het standpunt dat hij een arbeidsovereenkomst heeft en niet werkzaam is in het kader van een opdracht. Kortom, de overeenkomst kan volgens het contract dan wel rechtsgeldig zijn opgezegd, maar op grond van de feitelijke situatie is dit geen rechtsgeldige opzegging. Deze zou namelijk moeten worden beoordeeld volgens het arbeidsrecht.

Lees verder op fiscount.nl

 

Bron: ANP

Laatste nieuws